maandag 11 december 2017

Fernand Ansseau: Gluck, Berlioz (HMV, 1923)


Fernand Ansseau (Boussu-Bois, bij Mons, 06.03.1890 - Brussel, 01.05.1972): Belgische tenor. Zijn vader was organist in de dorpskerk. Op z'n 17e ging hij naar het conservatorium van Brussel (studeerde bij Désiré Demest), werd aanvankelijk opgeleid als bariton, maar ging al snel over naar tenor. Hij studeerde ook 3 jaar bij de Belgische tenor Ernest van Dijck.
1913-1918: Dijon. Debuteerde als Jean, in Hérodiade (Massenet). Zong in deze periode rollen in Faust (Gounod), Louise (Charpentier), Sigurd (Reyer), en Les Barbares (Saint-Saëns, eerste uitvoering).
Tijdens de eerste wereldoorlog weigerde hij op te treden, gaf alleen liefdadigheidsconcerten, wat hem erg populair maakte.
1918-1923; 1930-1939: eerste tenor in het Théâtre de la Monnaie, Brussel. Zong daar rollen in La muette de Portici (Auber), Carmen (Bizet), Manon (Massenet), Aida (Verdi), Tosca (Puccini), I Pagliacci (Leoncavallo), La damnation de Faust (Berlioz), Romeo et Julia (Gounod).
Ook veel successen in Engeland en Amerika: 
1919: debuut aan Covent Garden Londen, daarna vrijwel jaarlijks daar terugkomend.
1923-1928: Chicago Civic Opera House
Zong ook met groot succes in Opéra-Comique Parijs (1920), Grand Opéra Parijs (1922), San Francisco (1925). Verder gastoptredens in Cannes, Monte Carlo, ook regelmatig in België, m.n. Gent en Antwerpen.
Ook tijdens de tweede wereldoorlog weigerde hij op te treden. Laatste optreden in mei 1940, samen met de Belgische sopraan Clara Clairbert.
1942-1944: professor zang aan het conservatorium van Brussel.



1  Gluck - "Orphée": J'ai perdu mon Eurydice    3:25
    Opname Parijs, 02.03.1923
2  Berlioz - "La damnation de Faust": Nature immense    3:43
    Opname Parijs, 26.02.1923
    Fernand Ansseau, tenor (+ orkest)
    78t 30 cm: HMV DB 487   (2-032069 / 2-032072)   CS 847-1 / CS 838-2

Download mp3

donderdag 7 december 2017

Frieda Hempel 3: Rossini, Thomas (Grammophon, 1910-1911)


Frieda Hempel (Leipzig, 26.06.1885 - Berlijn, 07.10.1955): Duitse coloratuursopraan. Studeerde aan het conservatorium van Leipzig en in Berlijn (Stern'sches Konservatorium), bij Selma Nicklass-Kempner (1850-1928). 
1905: Debuut in Breslau.
1905-1907: Hoftheater Schwerin
1907-1912: Hofoper Berlin, op verzoek van Kaiser Wilhelm II.
1912-1919: Metropolitan. In 1913 zong ze in de eerste opvoering in Amerika van Der Rosenkavalier de rol van Marschallin (in 1911 had ze datzelfde in Berlijn gedaan).
1920-1921: Opera Chicago
Daarna een succesvolle carrière als concertzangeres. Met name haar "Jenny Lind concerten" werden beroemd, waarin ze in de kostuums van Jenny Lind, en met Lind's repertoire, tournees door Amerika maakte.
In 1955 verscheen haar autobiografie: "Mein Leben dem Gesang".
Ze maakte opnamen voor Odeon, HMV, Victor, Polydor en Edison.

Deze drie enkelzijdige 78t.platen zijn opgenomen in haar Berlijnse tijd aan de Hofoper. Geweldige zangeres!

Frieda Hempel, sopraan:

1  Rossini - "Il barbiere di Siviglia": Frag' ich mein (Una voce poco fa)    7:39
    78t 30 cm: Grammophon 76033-76034   043151-043152   516s / 517s
    Opname Berlijn, 06.10.1910

2  Thomas - "Mignon": Titania ist herabgestiegen (Polonaise)    3:58
    78t 30 cm: Grammophon 76038   043174   2223c
    Opname Berlijn, 09.06.1911

Download mp3

vrijdag 1 december 2017

Mary Lewis (Victor, 1926)


Mary Lewis (29.01.1897 - 31.12.1941), "The Golden haired soprano". Eigenlijke naam Mary Kidd. Zat als kind in weeshuizen, en in een streng pleeggezin. Liep weg op haar 18e, maakte een ontwikkeling door van Saloon girl, meisje bij de Ziegfeld Follies (1921-1922), tot opera prima-donna en bracht het zelfs tot de Metropolitan, waar ze o.a. Mimi zong. 

In New York had ze zangles van William Thorner. Mogelijk heeft ze in Parijs zangles gehad van Jean de Reszke. 
1923: operadebuut aan de Wiener Volksoper als Marguerite (Faust). Gastrollen in Berlijn en Monte Carlo. 
1924-1925: lid van de British National Opera Company. Zong met dit gezelschap in de wereldpremière en plaatpremière van Hugh the drover (Vaughan Williams)
1925: Opéra-Comique, Parijs. Zong zowel de rol van Manon als Thaïs.
1926-1930: Metropolitan, eerste rol: Mimi. Verder als Nedda (Pagliacci), Micaela (Carmen), Marguerite (Faust) en Giulietta (Contes d'Hoffmann). Zong slechts in totaal in 25 voorstellingen. 
In 1927 trouwde ze met de Duitse bas-bariton Michael Bohnen (1887-1965), maar scheidde van hem in 1930, waarschijnlijk een combi van echtelijke ontrouw van Bohnen en een alcoholprobleem van Lewis.
1931: trouwde met Robert Hague, een rijke oliemagnaat. Ze zong, op enkele tournees en bezoeken aan Europa (waar ze populair was) na, hoofdzakelijk voor de radio.
Een carrière voor de film kwam niet van de grond.

Ze stierf jong in 1941, deels als gevolg van haar alcoholverslaving, mogelijk ook als gevolg van haar Ziegfeld Follies tijd: ze droeg een periode een kostuum, waarin radium verwerkt was, zodat het licht gaf in het donker.

De complete opnamen zijn in uitstekende transfers te koop op het Marston label. Mijn plaat is in matige conditie, maar we horen een mooie warme stem. Stel dat ze een minder ongelukkig en moeilijk leven had geleid en goed les had gehad, hoe zou haar stem dan geklonken hebben...



1  Leoncavallo - "I Pagliacci": Ballatella: Che volo d'augelli    4:46
    Opname Camden N.J. 26.01.1926
2  Massenet - "Thaïs": Méditation: Te souviens-tu du lumineux voyage    4:10
    Opname Camden N.J. 04.01.1926
Mary Lewis, sopraan
Orkest o.l.v. Josef Pasternack
78t 30 cm: Victrola 6578-A/B   CVE 34161-9 / CVE 34255-1

Download mp3

zondag 26 november 2017

Roger Désormière - Messiaen (Pathé, 1945)

Roger Désormière

Roger Désormière (Vichy, 13.09.1898 - Parijs, 25.10.1963): Frans dirigent. 
Studeerde aan het conservatorium van Parijs bij Philippe Gaubert (fluit), Xavier Leroux (harmonieleer), Charles Koechlin (compositie) en Vincent d'Indy (directie).

Zijn lijst met premières is indrukwekkend, zo dirigeerde hij in 1924 les Ballets Suédois bij de première van Relâche, een film- en muziekvoorstelling van Francis Picabia en Erik Satie, met het filmpje Entr'acte van René Clair, waarin we o.a. Erik Satie achter een kanon op een dak op en neer zien springen (hier op Youtube te zien). 

Hij was een voorvechter van de eigentijdse Franse muziek, zoals Erik Satie, Henri Dutilleux, Pierre Boulez, maar zette zich ook in voor vroege muziek, zoals van François Couperin, Jean-Philippe Rameau en Michel Richard Delalande.
In 1941 dirigeerde Désormière de eerste complete opname van Debussy's Pelléas et Mélisande in een prachtige uitvoering met o.a. Jacques Jansen als Pelléas en Irène Joachim als Mélisande, uitgebracht op 20 78t.platen


Ondes Martenot

Ook deze opname van de 3 petites Liturgies de la Présence Divine van Olivier Messiaen (1908-1992), gecomponeerd in 1943-44, is een fonografische première. Het is een compositie voor vrouwenstemmen, piano, Ondes Martenot (elektronisch instrument, zie foto) en strijkorkest. 
Op 21 april 1945 vond de eerste uitvoering plaats, met Ginette Martenot op ondes Martenot, Yvonne Loriod (Messiaens vrouw) op piano, het Yvonne Gouverné Chorale, en het Orchestre de la Société des Concerts du Conservatoire. 
Op het 78t-label staat wel het orkest genoemd, maar ik neem aan dat de bezetting van deze opname dezelfde is. 



Olivier Messiaen: Trois petites Liturgies de la Présence Divine

1  Antienne de la Conversation Intérieure (Dieu présent en nom...)   8:47
2  Sequence du Verbe, Cantique Divin (Dieu présent en lui-même)   5:41
3  Psalmodie de l'Ubiquité par amour (Dieu présent en toutes choses)   13:11

Ginette Martenot: ondes Martenot
Yvonne Loriod: piano
Yvonne Gouverné Chorale
Orchestre de la Société des Concerts du Conservatoire
Roger Désormière, dirigent
78t 30 cm: Pathé PDT 190-3
SOFX 1008-1; 1009-1; 1006-1; 1007-1; 1003-2; 1004-2
Opname 1945
Totale tijd:   27:39


Olivier Messiaen
Download mp3

dinsdag 21 november 2017

Mario Matrojani, tenor: Mascagni (Homokord, 1913)


Over de Italiaanse tenor Mario Matrojani is weinig bekend. Hij komt niet voor in de 4-delige Kutsch-Riemens Großes Sängerlexicon
Waarschijnlijk debuteerde hij ca. 1900.
1901: zong in Torino, als Rodolfo (La Bohème)
1903: zong in Reggia, o.a. als Duca (Rigoletto) en een rol in Maria di Rohan.
1904: Warschau
1905: Alessandria
1907: Messina, als Don José (Carmen)
1909: Bergamo, rol van Enzo (La Gioconda)
1910: St. Petersburg
1914: Boekarest
Vermoedelijk trad hij vanaf 1915 terug van het operapodium.

Mario Matrojani (of Matroiani) was dus een tenor die hoofdzakelijk in regionale theaters gezongen heeft.
Hij heeft voor de volgende maatschappijen platen opgenomen:
G&T: 2 (Milaan, 1904), Favorite: Verona, 1908- ca. 1911), Columbia, Beka/Era, Homocord (1913).
De plaat is in matige conditie, zoals wel is te horen, maar we krijgen niettemin een goede indruk van zijn stem.




Mascagni - "Cavalleria Rusticana": 
1  O Lola    2:20
2  Brindisi: Viva il vino    2:30
Mario Matrojani, tenor (+ koor en orkest)
78t 25 cm: Homokord 2335 / 2339   
Opname 1913

Download mp3

donderdag 16 november 2017

Maria Galvany: HMV, Victor 1906-1908


Maria Galvany (Granada, 1878 [of 1876, of 1874] - Spanje, 1918, of Rio de Janeiro, 1944, of 02.11.1949?): Spaanse coloratuursopraan. Studeerde aan het conservatorium van Madrid bij Lázaro María Puig en Napoleone Verger. 
1879: debuut in Cartagena als Lucia in Lucia di Lammermoor.
Zong vooral in Spanje, Portugal en Zuid-Amerika. 
1905: maakte deel uit van een operagroep waarmee ze door Nederland, België en Frankrijk trok.
1909: zong in Londen, Drury Lane.
Ze zong 15 jaar in Lissabon aan het Coliseu
Ze was geliefd in Rusland, waar ze zong in Kiev, Odessa, Tiflis, Baku en Moskou. 



Na de eerste wereldoorlog is niets meer van haar vernomen.
Wat het meest genoemd wordt is dat ze naar Brazilië vertrok, daar verarmde en uiteindelijk in Rio de Janeiro in een armenhuis is overleden in 1949. 
Dr Jacques Alain Léon (Brazilië) stelt in een Record Collector dat het sterfgeval in 1949 niet Maria Galvany, maar Fanny Maria Rollas Galvani (1856-1949) betreft, een dramatische sopraan die geen opnamen heeft gemaakt. Maria Galvany zou in 1918 aan de Spaanse Griep overleden zijn.

John Steane is in zijn boek The great tradition niet erg over haar te spreken: in duetten met Titta Ruffo kon ze klinken "like a whistling kettle on a high E flat". 
Verderop in zijn boek is hij wat milder: "Galvany had a pleasant middle voice, and her facility in rapid staccato was extraordinary, rivalled in later times only by the Brazilian Sofia del Campo" ... "An astonishing showpiece of Galvany's is the song "L'Incantatrice" (Arditi), another is a barely recognisable version of "Der hölle Rache". 



ook Michael Scott (The record of singing 1) is vrij kritisch: op haar platen "we hear a hard little voice of no particular quality, the tone fluttery but secure, the range extending easily to the high F, and with quite an extraordinary facility in staccato, which she takes the opportunity to show off wherever she can, no matter how inappropriate; it is surprising to find a cadenza at the end of the Bell Song, outrageous in the Queen of the Night aria, the staccati chattering away like machine-gun fire" .... "Her records are amusing party pieces".

Het duet met Ruffo dat ik heb vind ik goed gezongen, daar valt de fluitketel wel mee. Maar bij L'Incantatrice gaat ze helemaal los! Bij de klokjes-aria is inderdaad een cadensa toegevoegd. Het is in deze tijd nogal bizar om zulke snelle staccato-zang te horen als een op hol geslagen kanarie. Meer virtuoos-knap dan dat het nou zo muzikaal is. Overigens worden haar platen regelmatig te snel afgespeeld, dan wordt het helemaal een vogelkooi. 

Remo Andreini (Florence, c.1875-1880 - Florence, ?) had een internationale carrière als tenor van 1902-1924. In 1917 was hij de eerste Rodolfo die een complete La Bohème opnam.



1  Verdi - "Rigoletto": Piangi fanciulla    3:14
    + Titta Ruffo, bariton
    Gramophone Monarch 054100   545i
    Opname Milaan, 20.10.1906 

2  Arditi: L'incantatrice    3:24
    Victrola 88236   1399½c
    Opname Milaan, okt.-nov. 1907

3  Delibes - "Lakmé": Aria della Campanelle    3:41
    Gramophone Monarch 053182   1455½c
    Opname Milaan, mei? 1908

4  Verdi - "La Traviata": Sempre libera    3:45
    + Remo Andreini, tenor
    Gramophone Monarch 054209    1456c
    Opname Milaan, mei? 1908



Download mp3

vrijdag 10 november 2017

Mary Garden 2: Columbia, 1911-1912

Mary Garden als Mélisande

Mary Garden (Aberdeen, 20.02.1874 - Inverurie, 03.01.1967): Schotse sopraan en ook een goede actrice. Ze studeerde o.m. bij Sarah Robinson-Duff (Chicago), vanaf 1896 in Parijs bij Lucien Fugère (1848-1935), Jacques Bouhy (1848-1929), Mathilde Marchesi (1821-1913) en Sybil Sanderson (1864-1903). Sanderson introduceerde haar bij Jules Massenet en bij Albert Carré, de directeur van de Opéra-Comique.
1900-1907: Opéra-Comique. Zong o.m. de wereldpremière als Marie in La Marseillaise (Lucien Lambert, 1901) en als Diane in La fille de Tabarin (Gabriel Perné, 1901). Debussy koos haar voor de rol van Mélisande in Pelléas et Mélisande (1902). Verder de titelrol in de wereldpremière van La Reine Fiammette (Xavier Leroux, 1903)
1902-1903: zong in Londen, Covent Garden
1905: zong in Monte Carlo wereldpremière van Chérubin, een rol die Massenet speciaal voor haar gecomponeerd heeft.
1906: wereldpremière als Chrysis in Aphrodite (Camille Erlanger) bij de Opéra-Comique.

Mary Garden 1905

1907-1910: Manhattan Opera House
1910-1913: Chicago Grand Opera Company
1915-1921: Chicago Opera Association
1921-1922: directeur van de Chicago Opera Association, die daarna failliet ging. Ze produceerde in dat jaar de wereldpremière van De liefde voor drie sinaasappels (Prokofieff). 
1922-1931: directeur van de nieuw opgerichte Chicago Civic Opera, waar ze ook rollen zong. 

1934: trok zich terug van het operapodium. Werkte als talentscout voor MGM, gaf lezingen, m.n. over Debussy. Gaf masterclasses en deed veel om jonge artiesten te stimuleren.

Mary Garden als Salome

Ze maakte naar verhouding vrij weinig platen tussen 1903 en 1929: 6 Pathé wasrollen (ca. 1903), 4 G&T (met Debussy, piano), 3 Edison rollen (ca. 1904-1905), 11 Columbia (1911-1912), 12 Victor (1926-1927; 1929).
Verder maakte ze twee zwijgende films, met weinig succes: 
1917: "Thaïs" (Hugo Ballin, Frank Hall Crain)
1918: "The splendid sinner" (Edwin Carewe)

1951: haar autobiografie verscheen: Mary Garden's Story, waar veel onnauwkeurigheden in staan.

Op de spiegel (ruimte tussen groef en etiket) van Col. A5440 is mooi de handtekening van Mary Garden te zien (zie onderste scan).


1  Massenet - "Le jongleur de Notre-Dame": Liberté    3:01
2  Massenet - "Hérodiade": Il est doux, il est bon    3:53
78t 30 cm: Columbia A 5289   30699-1 / 30701-2
Opname New York, 21.03.1911

3  Charpentier - "Louise": Depuis le jour    5:03
4  Massenet - "Thaïs": L'amour est une vertu rare    3:05
78t 30 cm: Columbia A 5440   36385-1 / 36386-2
Opname New York, 17.05.1912


Download mp3

zaterdag 4 november 2017

Maria Barrientos 2: Meyerbeer, Verdi (Columbia, 1919)


Maria Barrientos (Barcelona, 10.03.1883 - Ciboure, 08.08.1946): Spaanse coloratuursopraan. Studeerde piano en viool op het conservatorium. Nam zangles bij Francisco Bonet.
1898: debuut op haar 15e in Barcelona, Teatro Novedades, als Ines (L'Africaine). Had onmiddellijk succes en zong in Italië, Engeland, Duitsland en Frankrijk. Grootste successen in Zuid-Amerika, m.n. Teatro Colón (Buenos Aires). 
1907-1909: tijdelijke stop door huwelijk en geboorte van een zoon
1916-1920: Metropolitan New York
Na 1924 zong ze geen operarollen meer en wijdde zich aan de liedkunst.
In 1928 en 1930 nam ze 7 Spaanse liederen van Manuel de Falla op met de componist als begeleider op piano.
Maria Barrientos nam 78t.platen op voor de labels Fonotipia (1904-1906) en Columbia (1916-1920; 1928; 1930).


Maria Barrientos, sopraan:

1  Meyerbeer - "Dinorah": Ombra leggera    4:05
    78t 30 cm: Columbia Tricolor 49596   (49596-1)
    Opname New York, 06.03.1919

2  Verdi - "Rigoletto": Si, vendetta    2:04
    + Riccardo Stracciari, bariton
    78t 25 cm: Columbia Tricolor 78363   (78363-3)
    Opname New York, 20.03.1919


Download mp3

maandag 30 oktober 2017

Léon Beyle: "Werther" (DPG, 1908)


Léon Beyle (Lyon, 28.02.1871 - Lyon, 17.07.1922): Franse tenor. Studeerde aan conservatoria van Lyon en Parijs. 
1897: debuut Grand Opéra, Parijs als Don Ottavio (Don Giovanni, Mozart)
1898-1914: eerste tenor bij de Opéra-Comique in Parijs.
1903: groot succes in "Werther" (Massenet). 
1910: Viel in voor een zieke Caruso bij een bezoek van de Metropolitan-cast aan Parijs, waar hij samen zong met Geraldine Farrar en Antonio Scotti (in "Tosca", Puccini).
Zong in een aantal eerste uitvoeringen van opera's, o.a.:
1901: Gabriel Pierné: la fille de Tabarin", met o.a. Mary Garden
1904: Henri Rabaud: "La fille de Roland", met o.a. Hector Dufranne
1906: Camille Erlanger: "Aphrodite", met o.a. Mary Garden
1912: Sylvio Lazzari: "La Lépreuse", met Marie Delna en Yvonne Brohly.
Zong veel gastrollen in Franstalige operatheaters. 
Werd later docent zang, in Parijs en daarna in Lyon. Zijn broer Gaston was directeur van de Opera in Lyon.

Op mijn blog staan 3 78t. opnamen van Léon Beyle uit 1907 en 1908, ook samen met Hector Dufranne.
Op mijn blog LP's opera & klassiek (78rpm) staat een LP van het label Discophilia met opnamen van Léon Beyle uit de periode 1904-1913.


Jules Massenet - "Werther":
1  Pourquoi me réveiller    2:13
2  Invocation à la nature    3:04
Léon Beyle de l'Opéra-Comique
78t 25 cm: Disque Pour Gramophone GC-3-32791/2   5601h / 5602h
Opname Parijs, 1908

Download mp3

zaterdag 21 oktober 2017

Margaret Romaine: Mignon, Bohème (Columbia, 1919)


Margaret Romaine (Salt Lake City, 23.09.1892 - ?): Amerikaanse sopraan. Studeerde eerst cello. Nam toen zangles in Londen en Parijs. Ze trad op in kleine partijen bij de Opéra-Comique van Parijs. 
1915: ging terug naar Amerika en trad daar voornamelijk op in musicals en als zangeres van populaire muziek. Haar zuster Hazel Dawn was op dat gebied een algemeen bekende ster.
1918: debuut in de Metropolitan als Musetta in "La Bohème", haar glansrol.
Ze zong tot 1924 in 6 seizoenen enkele lichtere sopraanpartijen. 
Op 27 december 1919 zong ze in de Metropolitan een kleine rol in de wereldpremière van L'Oiseau bleu, een opera van dirigent en componist Albert Wolff, onder diens leiding (met o.a. Florence Easton in de cast). 
Daarna actief als lied- en concertzangeres. Ook trad ze weer op in musicals.
Na haar carrière gaf ze zangles in New York.
Ze maakte 78t.platen voor Victor (1914-1915, 6 opnamen) en Columbia (1919-1924, ca. 18 opnamen).

1  Ambroise Thomas - "Mignon": Rondo gavotte    2:37
2  Giacomo Puccini - "La Bohème": Musetta's waltz    2:30
Margaret Romaine, sopraan (+ orkest)
78t 25 cm: Columbia A 2846   78614 / 78615
Opname New York, 21.11.1919

Download mp3

zaterdag 14 oktober 2017

Hulda Lashanska: Columbia, 1918; HMV, 1926-27; Victor, 1945


In deze post 3 platen uit verschillende periodes van de zangeres Hulda Lashanska.

Hulda Lashanska (15.03.1893 - 17.01.1974): Amerikaanse sopraan met Russisch-Joodse voorouders. Studeerde piano en zang aan het Institute of Musical Arts in New York. Had twee jaar zangles van Marcella Sembrich (1858-1935). 
1909: debuut als recital-zangeres in New York.
Ze werd de belangrijkste concertzangeres van haar tijd, ze heeft nooit opgetreden op het operapodium.
1913-1915: onderbrak haar carrière vanwege haar huwelijk.
1919-1920: nogmaals korte onderbreking van haar carrière.
1936: trok zich terug van het podium, werkte vanaf 1937 als zanglerares.
Ze maakte opnamen voor Columbia (1916-1921) en Victor (1921-1932; 1939; 1945).
Mooie stem, donker timbre voor een sopraan.

Kerstin Thorborg (19.05.1896 - 12.04.1970): Zweedse mezzo-sopraan / alt. Een van de beste Wagner-zangeressen in de periode 1930-1950.

Queen Liliuokalani (02.09.1838 - 11.11.1917) was de laatste koningin van het koninkrijk Hawaii. Zij componeerde het afscheidslied Aloha Oe in 1878.



Hulda Lashanska, sopraan:

Gustave Charpentier - "Louise": Depuis le jour    4:20
78t 30 cm: Columbia Tricolor 49364   (49364-14)
Opname New York, 28.03.1918

Download Columbia mp3   


1  Annie Laurie (arr. Roger Bourdon)    3:22
    Opname Camden, N.J., 08.11.1926
2  Aloha Oe (Queen Liliuokalani)    3:19
    Opname Camden, N.J., 11.03.1927
Orkest o.l.v. Roger Bourdon; Francis J. Lapitino, harp bij 1
78t 25 cm: HMV DA 922  (3-3152 / 3-3176)   
BVE 35422-14; BVE 37849-2

Download HMV mp3


Felix Mendelssohn:
1  a  Herbstlied; b  Sonntagsmorgen    5:03
2  a  Wasserfahrt; b  Lied aus Ruy Blas    2:44
    + Kerstin Thorborg, mezzo-sopraan
    George Schick, piano
78t 30 cm: Victor 11-9022-A/B

Download Victor mp3

donderdag 5 oktober 2017

Erna Berger: Robert Oboussier (Electrola, 1938)


Een zeldzame opname van composities van de Zwitserse componist Robert Oboussier, uitgevoerd door Erna Berger, sopraan, begeleid door klavecimbel en Hobo. Uitgebracht op Electrola, 1938.

Robert Oboussier (Antwerpen, 09.07.1900 - Zürich, 09.06.1957): Zwitsers componist. Studeerde in Heidelberg (Ph. Wolfrum) en Mannheim (Arno Landmann), het conservatorium van Zürich met Vogler, Jarnach en Andrae als docenten. Studeerde ook bij Jarnach in Berlijn, waar hij eveneens directie studeerde aan de Hochschule für Musik bij Ochs en Krasselt. 
1922-1928: Werkte in Florence, München en Parijs, eerst alleen als componist, later ook als criticus.
1930: werd Berlijns muziekcriticus voor de Frankfurter Zeitung 
1933-1938: muziekcriticus bij de Deutsche allgemeine Zeitung.
1939: vestigde zich in Zürich, was criticus en directeur van de nieuw opgerichte Zentralarchiv Schweizerischer Tonkunst
1948: directeur van de Suisa: Zwitserse Vereniging van schrijvers, componisten en uitgevers.
Als componist werd Oboussier door Busoni's "junge Klassizismus". Hij bevrijdde zich geleidelijk van de Regeriaanse laatromantiek.
In 1957 werd hij door een mannelijke prostitué van nog geen 20 vermoord.
Hij schreef o.m. de opera "Amphitryon", die in 1951 in Berlijn en Dresden in première ging, en de cantate Trilogia Sacra.
Hij was o.m. bevriend met Wilhelm Furtwängler en Walter Schuricht.



Erna Berger (Dresden, 19.10.1900 - Essen, 14.06.1990): Duitse coloratuursopraan.
Eta Harich-Schneider (Oranienburg, 16.11.1894 - Wenen, 10.01.1986): Duitse klaveciniste, muziekwetenschapster, Japanologe en schrijfster.


Drie aria's op teksten van Klopstock:
1  Zeit, Verkündigerin der besten Freuden    4:22
2  Weine du nicht    2:51
3  Dein süßes Bild, Edone    3:54
    Erna Berger, sopraan
    Eta Harich-Schneider, klavecimbel
    Hans-Walter Schleif, hobo
    78t 30 cm: Electrola DB 4596-7   2RA 3325-2; 3326-1; 3327-2
    Opname 01.10.1938

4  Fünf Abbreviationen    2:45
    Eta Harich-Schneider, klavecimbel
    78t 30 cm: Electrola DB 4597   2RA 3328-2
    Opname 01.10.1938
    
Download mp3 

zondag 1 oktober 2017

Mabel Garrison 2: Offenbach, Joh. Strauss (Victor, 1916)


Twee coloratuursopraan-aria's, prachtig gezongen door de Amerikaanse sopraan Mabel Garrison op 2 enkelzijdige Victor 78t.platen, n 1916 opgenomen.

Mabel Garrison (Baltimore, 24.04.1886 - Northampton 20.08.1963): Amerikaanse coloratuursopraan. 
Studeerde in Baltimore bij Odenthal, volgde daarna het Peabody Conservatorium in Boston bij Heimendahl. 
Zong van 1914-1921 in de Metropolitan. Trouwde in 1908 de professor voor harmonieleer George Siemonn en studeerde verder bij Oscar Saenger en Herbert Witherspoon in New York.
Debuut in 1912 bij de Aborn Opera Company ("Mignon", als Philine)
1913-1920: Metropolitan Opera New York
1921: gastrollen in Berlijn, Hamburg en Keulen. Maakte ook in 1921 een wereldtournee.
1925-1926: Chicago Civic Opera
Sinds 1933 zanglerares aan het Smith College in Northampton (Massachusetts).


1  Offenbach - "Contes d'Hoffmann": Les oiseaux dans la charmille    4:22
    78t 30 cm: Victrola 74482   C-17804-1
    Opname Camden, N.J., 06.06.1916

2  Johann Strauss: Voce di primavera (Frühlingsstimmen)    4:19
    78t 30 cm: Victrola 74488   C-17815-4
    Opname Camden, N.J., 15.06.1916

Download mp3

zaterdag 23 september 2017

André Baugé: Puccini, Grétry (Pathé)


André Baugé (Toulouse, 04.01.1893 - Clichy-la-Garenne, 25.05.1966): Franse bariton, actief in opera en operette. Opgeleid door zijn ouders (vader was zangleraar, moeder zong in operettes).
1917: debuut als Frédéric in Lakmé (Opéra-Compque).
Na 1925 zong hij hoofdzakelijk operettes en in musical comedies.
1921-1935: hij was te zien in 12 films.

Deze akoestische Pathé, geperst op bruin schellak (geen hill-and-dale, maar een laterale groef) kan ik niet in de discografieën terugvinden, maar ik vermoed dat de plaat tussen 1923-1925 opgenomen zal zijn.


1  Puccini - "La vie de Bohème": O défroque si chère    2:07
2  Gretry - "Richard Coeur de Lion": Oh Richard! Oh mon Roi!    3:20
78t 25 cm: Pathé X 0608   N200552 / N200567

Download mp3

maandag 18 september 2017

Geraldine Farrar 3: 25 cm HMV en Victor (1909-1920)


In deze post enkele 25 cm 78t.platen van Geraldine Farrar.

Geraldine Farrar (Melrose, Mass., 28.02.1882 - Ridgefield, Connecticut, 11.03.1967): Amerikaanse sopraan en film-actrice. Studeerde in Boston, trad al op op haar 14e. Studeerde bij Emma Thursby in New York en Parijs, en bij Francesco Graziani in Berlijn. 
1901-1903: zong aan de Hofoper Berlin, had les van Lilli Lehmann en waarschijnlijk een relatie met Kroonprins Wilhelm van Duitsland. 
1903-1906: Opera Monte-Carlo


Geraldine Farrar als "Carmen" (film, 1915)

1906-1922: Metropolitan Opera New York, zong 29 rollen in bijna 500 voorstellingen. Ze was erg populair bij veel jonge vrouwen, die "Gerry-flappers" werden genoemd.
In de periode 1915-1920 acteerde ze in 15 zwijgende films, w.o. Carmen (Cecil B. DeMille, 1915), Joan the Woman (Jeanne d'Arc, Cecil B. DeMille, 1916), Flame of the desert (Reginald Barker, 1919)


Geraldine Farrar "Thais" 1917

In 1922 trok ze zich terug uit de operawereld, gaf nog wel recitals tot 1931. 
Kijk op IMDB voor Geraldine Farrar's filmografie. 
Lees hier een e-book "Geraldine Farrar, the story of an American singer, by herself" (1916).

Van 1908-1915 had ze een affaire met dirigent Arturo Toscanini, die in 1915 naar Italië terugging omdat ze hem een ultimatum had gesteld om zijn vrouw te verlaten en met haar te trouwen. Van 1916-1923 was ze met de filmacteur Lou Tellegen gehuwd, die veel buitenechtelijke relaties had en in 1934 zelfmoord pleegde. 

Geraldine Farrar maakte veel plaatopnamen, voor G&T (1904-1906) en Victor (1907-1927).



    Puccini - "Madame Butterfly": 
1  Ancora un passo    2:16
    Opname 25.05.1916
2  Ieri son salita    2:51
    Opname 02.10.1909
    78t 25 cm: Victrola 616-A/B



3  Bizet - "Carmen": Habanera    3:11
    Opname 09-12-1914
4  Gounod: Au printemps    1:53
    Opname 20.01.1920
    78t 25 cm: Victrola 621-A/B   



5  John Stafford Smith: Star-spangled banner    3:20
    78t 25 cm: HMV 2-3282
    Opname 25.05.1916



6  Offenbach - "Contes d'Hoffmann": Barcarolle    2:35
    + Antonio Scotti, bariton
    Opname 06.10.1909
7  Lully: Au clair de la lune    2:40
    + Edmond Clément, tenor
    Opname 17.03.1913
    78t 25 cm: HMV DJ 102

Download mp3