dinsdag 20 juni 2017

Ottilie Metzger (Parlophon, 1911)


Ottilie Metzger (Frankfurt am Main, 15.06 of 07.1878 - Auschwitz, febr. 1943) Duitse Joodse alt en zanglerares. 
1895: Werd toegelaten tot het Stern's Conservatorium, Berlijn. Had zangles van Selma Nicklass-Kempner (1850-1928) en acteerlessen van Emanuel Reicher (1849-1924).
1898: debuut in Halle als page in "Lohengrin"
1900-1903: Keulen Opernhaus
1901, 1902, 1904, 1912: Bayreuth
1902-1908: huwelijk met schrijver Clemens Froitzheim.
1903-1915: Stadttheater Hamburg. Stond met Enrico Caruso en Lotte Lehmann op het podium. Zong in de premières van Bruder Lustig (Siegfried Wagner, 1905), Versiegelt (Leo Blech, 1908) en Izyel (Eugen d'Albert, 1909).
Zong verder o.m. in Berlijn, Wenen, St. Petersburg, Praag, Zürich, Amsterdam (1916), Den Haag, Brussel (912-1913), München, Leipzig, Düsseldorf, Oslo (1920), Budapest, Londen, Barcelona (1921)
1910: zong in wereldpremière van de 8e symfonie van Gustav Mahler in München
1910-1926: 2e huwelijk met bas-bariton Theodor Lattermann (29.07.1880 - 04.03.1926). Vanaf haar huwelijk trad ze op als Ottilie Metzger-Lattermann.
1911: haar dochter Susanne werd geboren. Zij werd ook zangeres (Susanne Fischer-Lattermann).
1914: tournee met Theodor Lattermann door Amerika
1918-1921: Staatsoper Dresden


Advertentie 1916

1922-1924: tournee met Leo Blech's operagezelschap door Amerika, met o.a. Meta Seinemeyer, Friedrich Schorr en Alexander Kipnis.
Eind jaren '20 maakte ze deel uit van Johanna Gadski's operagezelschap in Amerika. Ging daarna terug naar Duitsland.

Ottilie Metzger had ook een grote naam als liederenzangeres. Liet zich o.a. begeleiden door Richard Strauss, Hans Pfitzner en Otto Klemperer, met hun eigen composities.
1927: begon met lesgeven aan het Stern's Conservatorium, Berlijn, o.a. aan Frieda Hempel.
1933: gaf haar laatste officiële concerten o.l.v. Bruno Walter (Berlijn) en Otto Klemperer (Dresden).
1935-1937: ze gaf nog enkele concerten voor de Jüdischer Kulturbund in Berlijn, Frankfurt am Main en Wuppertal.
1939: vluchtte naar Brussel, waar haar dochter zich al gevestigd had, en gaf daar zangles.
1943: zij (en haar dochter?) zijn omgekomen in het concentratiekamp Auschwitz.

Ottilie Metzger heeft ca. 119 plaatkanten opgenomen die zijn uitgebracht op de labels G&T (4, Bayreuth, 1904), Odeon (40, 1906-1908, Berlijn), Gramophone (31, 1908-1911, Berlijn), Edison (4, 1911-1912, Berlijn), Parlophon (23, 1911-1913, Berlijn), Pathé (10, 1912, Berlijn) en Columbia (2, New York, 1914).



1  Kienzl - "Der Evangelimann": O schöne Jugendtage    3:04
2  Bach-Gounod: Ave Maria    3:22
    Ottilie Metzger, alt
78t 30 cm: Parlophon P.270-I/II   2-614 / 2-1050
Opname 1911

Download mp3

woensdag 14 juni 2017

Rosa en Carmela Ponselle (Columbia, 1918-1919)

Ponzilla Sisters

Rosa Ponselle (22.01.1897 - 25.05.1981), eigenlijke naam Rosa Ponzillo.  Amerikaanse sopraan. Haar ouders waren immiganten uit Caiazzo, Italië. 
1915-1918: Zong samen met haar oudste zuster Carmela Ponselle (07.06.1887 - 13.06.1977) bij het Keith Vaudeville Circuit als The Ponzillo Sisters. Via de zangleraar William Thorne en audities bij de bariton Victor Maurel en tenor Enrico Caruso werd een auditie geregeld bij de manager van de Metropolitan, Giulio Gatti-Casazza, die haar meteen  voor het seizoen 1918-1919 vastlegde.
1918-1937: zong in de Metropolitan. Zeer succesvol debuut op 15 november 1918 als Leonora (La forza del destino) met Enrico Caruso. 
1929-1931: Gastrollen in Royal Opera House, Covent Garden
1933: enige optreden in Italië op het festival Maggio Musicale Fiorentino in Florence,  als Giulia (La vestale). 
1936-1949: huwelijk met Carle Jackson.

Een van de mooiste sopranen van de vorige eeuw. Van de sopraan Geraldine Farrar komen de volgende quotes: 
"When discussing singers, there are two you must first set aside: Rosa Ponselle and Enrico Caruso. Then you may begin."
"When you hear the voice of Rosa Ponselle, you hear a fountain of melody blessed by the Lord".
We kunnen haar zien zingen! Op Youtube vind ik een Hollywood filmtest uit 1936, waarin ze 2 aria's uit Carmen zingt en we haar ook kort even horen praten.


Carmela Ponselle, 1933

In 1925 maakte Carmela haar debuut bij het Metropolitan Opera Company als Amneris in "Aida." Daar zong ze ook grote rollen als Laura in "La Gioconda" (ook met Rosa in de cast), de vrouwelijke hoofdrol in "Samson en Delilah" en "Carmen." Carmela Ponselle trad in 1935 terug en zong in april 1951 voor het laatst voor publiek, toen ze op 63-jarige leeftijd een aria van Verdi's "Don Carlos" zong in Madison Square Garden op een benefietconcert voor blinden. Ze zette zich in voor armen en gehandicapten.



1  Jacques Offenbach - "Contes d'Hoffmann": Barcarolle    3:04
    Rosa Ponselle, sopraan; Carmela Ponselle, mezzo-sopraan
    78t 25 cm: Columbia 78846
    Opname 1919

2  Paolo Tosti: Good-bye    4:12
    Rosa Ponselle, sopraan
    78t 30 cm: Columbia 49560
    Opname 1918



Download mp3

woensdag 7 juni 2017

Nancy Evans, alt: Brahms (Decca, 1937)


Nancy Evans (Liverpool, 19.03.1915 - Aldeburgh, 20.08.2000): Engelse alt. Studeerde bij John Tobin en later bij Maggie Teyte en Eva de Reusz.
1933: debuut in Liverpool
1935: zong in de eerste opname op 78 toeren van Dido and Aeneas (Purcell) voor Decca.
1938: zong in The rose of Persia (Arthur Sullivan) in Londen, Prince's Theatre
1941-1948: huwelijk met Walter Legge
Na de oorlog maakte ze deel uit van de door Benjamin Britten gevormde English Opera Group.
1946: Glyndebourne The rape of Lucretia (afwisselend met Kathleen Ferrier)
1947: creëerde de rol van Nancy in Albert Herring (Britten), die Britten voor haar schreef. Ook schreef hij de liederencyclus A charm of lullabies op.41 voor haar, die ze in 1948 in Den Haag (met Felix de Nobel piano) ten doop hield.
1948: zong Polly in The beggar's opera (Britten). Ook actief in het Aldeburgh Festival dat in 1948 door Britten, Pears en Crozier werd opgericht.
1949-1994: 2e huwelijk met Eric Crozier (1914-1994)
Tussen 1934 en 1967 maakte ze meer dan 300 radio-opnamen voor de BBC.
1973-1990: gaf les aan de Britten-Pears School of Advanced Musical Studies.

Myers Foggin (23.12.1908 - 1986): Engels pianist en dirigent. 
1927-1932: studeerde aan Royal Academy of Music, o.a. bij componist York Bowen
1936-1949: professor piano aan Royal Academy of Music
1936-1949: dirigent van People's Palace Choral Society
1946-1965: warden van de Royal Academy of Music
1946-1949: muziekdirecteur van Toynbee Hall
1948-1965: director of Opera
1957-1973: dirigent Croydon Philharmonic Society
Hij is als pianist te horen op een aantal Decca-opnamen, w.o. Brahms klarinetsonate met Frederick Thurston (Decca, 1937)



1  Johannes Brahms: Zigeunerlieder op.103    11:44
    1  He! Zigeuner
    2  Hochgestürmte Rimafluth
    3  Wisst ihr wann mein Kindchen
    4  Lieber Gott, Du weisst
    5  Brauner Bürsche führt zum Tanze
    6  Röslein drei
    7  Kommt dir manchmal in den Sinn
    8  Rothe Abendwolken
    Opname 08-03-1937

2  Johannes Brahms: Die Nachtigall    2:33
    Opname 06-04-1937

Nancy Evalt, alt
Myers Foggin, piano
78t 30 cm: Decca G-25719-20
TA 2893-2; 2894-2; 2895-2; 2896-3

Download mp3

dinsdag 30 mei 2017

Charles Münch: Honegger - La danse des morts (VSM, 1941)


Charles Münch (Strassbourg, 26.09.1891 - Richmond, Virginia, 06.11.1968): in de Elzas (Duitse deel, na 1919 Frans) geboren dirigent en violist. Broer van dirigent Fritz Münch, neef van dirigent en componist Hans Münch. Zijn vader was organist en koordirigent Ernst Münch (1859-1928). Studeerde viool bij Carl Flesch (Berlijn) en Lucien Capet (Parijs). Vocht in het Duitse leger tijdens de eerste wereldoorlog,  overleefde een gifgas-aanval in Péronne en werd gewond in Verdun. 
1920: aanstelling als viooldocent aan het conservatorium van Strassbourg.
1926-1933: Was concertmeester onder Hermann Abendroth, Wilhelm Furtwängler en Bruno Walter. Debuut als dirigent in 1932. Daarna bij veel Franse orkesten gedirigeerd, o.a.:
1935-1938: dirigent van Société Philharmonique de Paris, daarna directeur;
1937-1946: Orchestre de la Société des Concerts du Conservatoire
1937-1945: gaf directie aan het Conservatoire de Paris
1949-1962: dirigent van Boston Symphony Orchestra
1951-1962: directeur van Tanglewood Music Festival
Münch was pleitbezorger van eigentijdse Franse muziek. Bevriend met o.a. Arthur Honegger, Albert Roussel, Francis Poulenc en Florent Schmidt.
1954: zijn boek "Je suis chef d'orchestre" werd uitgebracht in Frankrijk.



Jean-Louis Barrault (Le Vésinet, 08-09-1910 - Parijs, 22.01.1994): Franse acteur, regisseur en mime-artiest. Debuteerde in 1931. Speelde in bijna 50 films. Bekendste rol: mimespeler Baptiste in Les enfants du Paradis (Marcel Carné, 1945), een van mijn favoriete films aller tijden.

Het libretto van La danse des morts is geschreven door Paul Claudel (1868-1955), jongere broer van de beeldhouwster Camille Claudel (1864-1943). 



Arthur Honegger - La danse des morts (oratorium) (1938):
Dialogue 
Danse des morts 
Lamento
Sanglots
La reponse de Dieu
Espérence dans la Croix
Affirmation

Jean-Louis Barrault, récitant
Odette Turba-Rabier, sopraan
Eliette Schenneberg, mezzo-sopraan
Charles Panzéra, bariton
André Pascal, viool
Chorale Yvonne Gouverné
Orchestre de la Société des Concerts du Conservatoire
Charles Münch, dirigent

la Voix de Son Maître DB 5136-8
2LA.3482-2; 3484-1; 3481-2; 3480-2; 3479-1; 3483-1
Opname 27+28 - 03 - 1941
Totale tijd:   26:08

Download mp3

donderdag 25 mei 2017

Friedrich Schorr 2: Wagner (HMV, 1929-1931)


Friedrich Schorr (Oradea, 02.09.1888 - Farmington, 14.08.1953): Oostenrijks-Hongaarse bas-bariton van Joodse afkomst. Een van de grootste Wagner- bas-baritonnen van de 20ste eeuw. Studeerde in Wenen.
1912-1916: Graz
1916-1918: Praag
1918-1923: Keulen
1923-1931: Staatsoper Unter den Linden, Berlijn
1924-1931: Covent Garden, Londen
1924-1943: Metropolitan New York
1925-1933: Bayreuth Festival
1931: Schorr emigreerde naar de Verenigde Staten.



Richard Wagner - "Die Meistersinger von Nürnberg":

1   Wahn Monolog    6:37
     Friedrich Schorr, bar.
     Orkest Staatsoper, Berlijn o.l.v. Leo Blech
     HMV D 1734  (2-042072/3)    CLR 5397-2/5398-1
     Opname Berlijn, 21-05-1929
   
2   Aha! Da streicht die Lene schon um's Haus    3:23
     Friedrich Schorr, bariton
     London Symphony Orchestra o.l.v. Albert Coates
     HMV D 2002   (32-1501)   CR 2495
     Opname Londen, 10-05-1930

3  Selig, wie die Sonne meines Glückes lacht    4:44
     Elisabeth Schumann, sopraan; 
     Lauritz Melchior, tenor;
     Friedrich Schorr, bariton;
     Gladys Parr, mezzo-sopraan;
     Ben Williams, tenor
     London Symphony Orchestra o.l.v. John Barbirolli
     HMV D 2002   (32-2225)   2B 543-3A
     Opname Londen, 16-05-1931

Download mp3

zaterdag 20 mei 2017

Clara Butt 5: Columbia


Een vijfde post alweer met dit keer 2 Columbia 78t.platen van de legendarische Engelse alt Clara Butt.

Clara Butt (01.02.1872 - 23.01.1936): Engelse alt. Studeerde aan het Royal College of Music, daarna in Parijs bij Jacques Bouhy (1848-1929), leraar van Louise Homer en Louise Kirkby-Lunn. Studeerde daarna in Berlijn bij de sopraan Etelka Gerster (1855-1920). 
Debuut in Londen december 1892 met de cantate The Golden Legend van Sullivan. 
Grote carrière in Engeland als oratorium- en liedzangeres. Ze had overigens drie zussen die ook zangeres werden. Ze was een imposante verschijning, 1:88 meter lang.
Elgar componeerde zijn cyclus Sea pictures met Clara Butt in gedachten en zij zong de première op 5 oktober 1899 met Elgar zelf als dirigent. 
Ze heeft gezongen voor Koningin Victoria, Koning Edward VII en Koning George V. 
Werd "Dame" in 1920. 
Ze trouwde in 1900 met Kennerly Rumford (1870-1957), een bariton. Ze kregen 2 zonen en 1 dochter. De oudste zoon stierf aan hersenvliesontsteking, de jongste zoon pleegde zelfmoord. Zelf kreeg ze kanker, maakte haar laatste platen zittend in een rolstoel. 
Ze was diep gelovig, zoals ook uit haar repertoirekeuze blijkt.

Clara Butt maakte veel opnamen, 1 Berliner in 1899, daarna HMV (1909-1915), en Columbia (1915-1921; 1926-1927, 1929-1931). Deze opnamen komen dus vermoedelijk uit de periode 1915-1921.
Een fascinerende stem! Opvallend sterk in de lage noten. Haar repertoirekeuze is soms van een smartlap-niveau, maar ik heb een zwak voor haar - we voelen via haar een glimp van de grandeur van het British Empire in de 19e eeuw. 



1  The promise of life (Frederic H. Cowen; Clifton Bingham, tekst)    4:22
    + piano en orgel
    78t 30 cm: Columbia 7105   (6542)

2  Sir Edward Elgar: Land of hope and glory    3:25
    + koor en orkest
    78t 30 cm: Columbia 7156   (75929)

 Download mp3

zondag 14 mei 2017

Hans Hotter: Wagner, Verdi (DGG, 1943)

Hans Hotter

Hans Hotter (Offenbach am Main, 19.01.1909 - Grünwald, 08.12.2003): Duitse bas-bariton. Studeerde bij Matthäus Roemer in München, werkte als organist en koordigirent.
1930: operadebuut in Troppau
1931: Breslau
1932-1934: Praag
1934-1935: Hamburg
1937-1972: München. 
Na de 2e wereldoorlog grote internationale carrière, m.n. als vertolker van Wagner en R. Strauss, ook een groot liederen-zanger. 



Heinrich Hollreiser (München, 24.06.1913 - Scheffau am wilden Kaiser, 24.07.2006):
Duits dirigent. Opgeleid aan het conservatorium van München. Werkte aan de operahuizen van Wiesbaden, Darmstadt, Mannheim en Duisburg.

1942-1945: Staatsoper Bayern; Opera van Düsseldorf
1945-1951: dirigeerde bij Berliner Philharmoniker, Bamberg, Keulen, en het Hamburg Radio Symfonie-orkest.
1951-1994: dirigent orkest Wiener Staatsoper, dirigeerde meer dan 1000 optredens met dit orkest.



Hans Hotter, bariton
Bayerisches Staatsorchester o.l.v. Heinrich Hollreiser
Opname 18.05.1943

1  Richard Wagner - "Der fliegende Holländer": Die Frist ist um    8:41
    78t 30 cm: 68297-A/B   2349-2 GE5 / 2350-2 GE5
    
2  Giuseppe Verdi - "Othello": Ich glaube an einen Gott    4:16
3  Giuseppe Verdi - "Othello": Zur Nachtzeit war es    3:02
    78t 30 cm: 68298-A/B   2353-4 GE5 / 2354-4 GE5

Download mp3